01 augustus 2007Sluit venster
IBM vermindert elektriciteitskosten drastisch door wereldwijd over te schakelen op mainframes met Linux
Amsterdam - Met het oog op de belangrijkste transformatie van een generatie wereldwijde datacenters zal IBM duizenden computerservers consolideren in ongeveer dertig System z-mainframes die draaien op het besturingssysteem Linux. Volgens IBM zal de nieuwe serveromgeving tachtig procent minder energie verbruiken dan de huidige configuratie, en het bedrijf verwacht significante besparingen over een periode van vijf jaar aan energie-, software- en systeemondersteuningskosten. Tegelijkertijd wordt de IT-infrastructuur van IBM flexibeler gemaakt met betrekking tot de veranderende bedrijfsbehoeften. Dit initiatief maakt deel uit van Project Big Green, een plan ter waarde van één miljard dollar dat IBM in mei heeft aangekondigd om het energieverbruik van datacenters voor IBM en haar klanten sterk te verminderen.

IBM beschikt over een totaal vloeroppervlak voor datacenters van meer dan 700.000 vierkante meter (ongeveer 139 voetbalvelden) en deze datacenters worden gebruikt voor 's werelds meest omvangrijke en geavanceerde activiteiten. De belangrijkste locaties bevinden zich in New York, Connecticut en Colorado in de VS en in het Verenigd Koninkrijk, Japan en Australië.

IBM verwacht dat de nieuwe wereldwijde infrastructuur, die ondersteuning biedt aan meer dan 350.000 gebruikers, voor andere grote ondernemingen over de gehele wereld een krachtig voorbeeld zal zijn van een geavanceerd ontwerp voor datacenters. IBM heeft sinds 1997 haar weredwijde strategische datacenters geconsolideerd van 155 naar 7.

Het IBM-mainframe kent een indrukwekkende succesvolle periode, met een stijgende omzet gedurende vijf opeenvolgende kwartalen en een toename van het aantal MIP's (miljoenen instructies per seconde) gedurende acht opeenvolgende kwartalen. In 2006 is het mainframe volgens IDC platformen voorbijgestreefd die zijn gebaseerd op het besturingssysteem Microsoft Windows. De capaciteit van mainframes om nieuwe workload uit te voeren, waaronder Linux- en Java-toepassingen, is een belangrijke reden voor het voortdurende succes.

Het consolidatieproject is gebaseerd op de mogelijkheid om een mainframe te laten werken als honderden of duizenden afzonderlijke servers. Deze capaciteit wordt virtualisatie genoemd en is een technologie waarvoor IBM meer dan veertig jaar geleden de fundamenten heeft gelegd met het mainframe. Met deze technologie worden de systeemresources van een mainframe, zoals verwerkingscycli, netwerkfuncties, opslagruimte en geheugen, toegewezen aan een groot aantal "virtuele" servers.

Elke virtuele server werkt als een echte, fysieke computer. Bij de migratie wordt elke mainframe slechts gedeeltelijk gebruikt, zodat er veel ruimte overblijft voor toekomstige groei. Door fysieke servers te verruilen voor virtuele servers kan IBM enorme kostenbesparingen boeken over een breed front, bijvoorbeeld met betrekking tot uitgaven voor:

  • Energieverbruik: door 3900 servers, die allemaal over een eigen voedingseenheid beschikken, te vervangen door 30 mainframes zal IBM naar verwachting evenveel elektriciteit besparen als wordt gebruikt door een kleine stad.
  • Software, waarvan de kosten vaak zijn gebaseerd op het aantal processors: de nieuwe IBM-mainframes bevatten aanzienlijk minder processors dan de huidige 3900 servers, zodat de softwarelicentiekosten worden geminimaliseerd.
  • Systeemondersteuning: als gevolg van het project zullen technische medewerkers van IBM naar verwachting minder tijd hoeven te besteden aan systeembeheer, zodat zij zich kunnen richten op projecten met meer toegevoegde waarde, zoals het ontwerpen en ontwikkelen van oplossingen voor klanten.

De mogelijkheid om de IBM-mainframes te laten draaien op het besturingssysteem Linux is essentieel voor het consolidatieproject, omdat hiermee een opensourcebasis beschikbaar komt voor diverse toepassingen. De IBM-datacenters in Poughkeepsie, New York (US); Southbury, Conneticut (US); Boulder, Colorado (US); Portsmouth, Verenigd Koninkrijk; Osaka, Japan; en Sydney, Australië nemen deel aan het initiatief. IBM heeft migratieteams van wereldklasse opgezet voor het migreren, testen en implementeren van toepassingen, zoals: Domino-berichtensoftware, WebSphere-servers voor processen, portals en toepassingen, SAP-databaseservers en DB2.
http://www.ibm.nl
Sluit venster